infanterie.jpg

Vanuit Nederlandse zijde was er na de Japanse overgave in 1945 en de er op volgende uitroep van de onafhankelijkheid van de staat Indonesië, alles aan gedaan om toch wederom het Nederlandse koloniale gezag te herstellen. Echter, de Indonesiërs hadden gezien hoe het voordien onverslaanbare Nederland, c.q. het KNIL, door de Japanners verslagen was. Daardoor werd het voor de bevolking duidelijk dat er na de strijd in de Pacific het niet meer een automatisme was, om wederom het Nederlandse koloniale gezag te aanvaarden. De Republik Indonesia en het Koninkrijk der Nederlanden moesten wel afstevenen op wat nu in het licht der geschiedenis een dekolonisatie-oorlog genoemd mag worden.

De manipulatieve rol van generaal Spoor en de inlichtingendienst NEFIS is echter bijzonder interessant. Vandaar onze aandacht hiervoor, ditmaal.

De bijdrage van Surinaamse vrijwilligers ten tijde van de Tweede Wereldoorlog om niet alleen de kolonie te beschermen, maar ook bij te dragen in de strijd tegen de Japanners in Nederlands-Indië is vrijwel onbekend. Wellicht nog onbekender is dat vrijwilligers uit Suriname vervolgens deelnamen aan de strijd in Korea. 

Tijd dus om hier eindelijk eens aandacht aan te geven.

Aan het einde van de 19e eeuw was de voormalige kolonie Suriname van vrijwel geen enkele economische waarde voor Nederland. Desondanks bleef het bezit ervan belangrijk voor het koninkrijk vanwege diens internationale uitstraling als koloniale wereldmacht. Pas in 1940 zou de kolonie nieuwe betekenis krijgen ten tijde van de Tweede Wereldoorlog.

In die tussenliggende jaren van 1895 tot aan 1940 was de zogenoemde Troepenmacht in Suriname (TRIS) stelselmatig afgebouwd tot slechts een kleine politioneel-militaire aanwezigheid van enkele honderden manschappen, welke niet eens meer deel uitmaakten van de nationale strijdkrachten en daarentegen bekostigd en gerekruteerd werden door het Ministerie van Koloniën. 

De rol van zowel trompetters en tamboers aan boord van de handelsschepen en de marineschepen was uitermate belangrijk in de 17e-eeuwse Nederlandse handelsnatie. Met signalen en tromgeroffel werd de bemanning aangestuurd voor de diverse werkzaamheden in het scheepswand, aan dek of voor het coördineren van het kanonvuur en communicatie met andere schepen. De trompetters en tamboers hadden elk een aparte status aan boord van de schepen, of bij aankomst in de koloniën.  

In bijgaande studie wordt op allerlei sociale en technische aspecten hun rol verder toegelicht.

Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog was het voor Nederland verre van een automatisme om haar neutraliteit te bewaren tegenover de oorlogszuchtige partijen. Wat sinds 1839 als neutraliteitspolitiek gold, moest opnieuw actief worden uitgevonden, gepropagandeerd en bewerkstelligd tijdens dit Europese conflict.

Men kan zelfs stellen dat Nederland er alle belang bij had om juist neutraal te blijven. Hoe moeilijk dat was komt hier aan bod.