artillerie.jpg

Gedurende het bestaan van de Verenigde Republiek der Zeven Provinciën werden er door de Staten-Generaal talloze blijken van waardering uitgegeven naar aanleiding van speciale (militaire) overwinningen en bijzonderheden. In zijn studie Present van Staat presenteert de auteur dhr. George Sanders een werkelijk magnifiek overzicht van alle ketens, kettingen en medailles, die in deze periode zijn uitgereikt, inclusief een kort stuk over de periode van de Bataafse Republiek.

 

In zijn inleiding schrijft Sanders: "Al vanaf het begin schonk de Republiek der Verenigde Nederlanden vereringen. Aan buitenlandse gezanten die na een langdurig verblijf in de Republiek huiswaarts keerden, aan inwoners van de verbonden gewesten die zich door bijzondere daden verdienstelijk hadden gemaakt en aan degenen die belangrijke berichten overbrachten. Het zijn deze door de Staten-Generaal verleende vereringen die het onderwerp van deze studie vormen. Maar het onderwerp is nog in engere zin af te bakenen. In het begin konden de door de Staten-Generaal gegeven beloningen verschillende vormen aannemen: soms werd een som geld geschonken, zoals het zogenaamde ‘bodenbrood’ dat werd uitgekeerd aan de boodschapper die als eerste een belangrijk bericht overbracht. Maar vereringen konden ook bestaan uit schitterende kunstvoorwerpen, zoals kostbare tapijten, prachtig vaatwerk uitgevoerd in goud, zilver of verguld metaal, schilderijen en zeldzame schelpen. En geregeld werden ook paarden als verering geschonken. Maar na het eerste kwart van de zeventiende eeuw werden de gouden ketting, de gouden medaille of de combinatie van beide het standaard geschenk van de Hoog Mogende Heren, zozeer zelfs dat men deze op den duur aan ging duiden als het ‘ordinaris present’. In engere zin is het dit door de Staten-Generaal vereerde ‘ordinaris present’ in de vorm van gouden ketens, kettingen en medailles, dat het onderwerp van deze studie uitmaakt."

"In mijn onderzoek bekijk ik eerst de context: naast de Staten-Generaal telde de Republiek nog een groot aantal andere bestuurscolleges. Gaven zij ook vereringen en, zo ja, welke vorm hadden die? En hoe verhielden de vereringen die de Hoog Mogende Heren aan vertrekkende gezanten verleenden zich tot de presenten die Staatse vertegenwoordigers aan buitenlandse hoven bij hun vertrek ontvingen? Vervolgens bekijk ik de vereringen van de Republiek der Verenigde Nederlanden vanuit drie verschillende invalshoeken, te weten de procedures, de personen en de presenten. Op die manier wil ik antwoord geven op de volgende vragen: hoe verliep het proces van verering in de praktijk? Welke instellingen en personen waren erbij betrokken? Aan wie gaf de Republiek vereringen en waarom? En welke vorm had het ‘ordinaris present’? Aan het slot van mijn betoog wil ik het aldus verkregen beeld aan een nader onderzoek onderwerpen om te bezien of én in hoeverre er sprake was van een geordende praktijk van verlening volgens duidelijke regels en afspraken. Vertoonden de door de Staten-Generaal gegeven vereringen voldoende onderlinge samenhang om te kunnen spreken van een stelsel van vereringen? In dit verband eindig ik met het trekken van een vergelijking tussen de vereringen van het Ancien Regime en ons tegenwoordige, moderne decoratiestelsel in het algemeen en de Nederlandse orden van verdiensten in het bijzonder."

Deze studie werd in 2013 uitgegeven door Uitgeverij Verloren en is daar nog altijd voor de ware liefhebber van de faleristiek te verkrijgen. Hier bieden wij het in pdf-formaat aan via de volgende weblink: Het present van Staat : de gouden ketens, kettingen en medailles verleend door de Staten-Generaal, 1588-1795.