medailles.jpg

In 1890 werd de Koloniale Reserve opgericht om te zorgen voor een betere werving en selectie van manschappen voor het KNIL. Daarnaast moest deze nieuwe organisatie zorgen voor een betere opvang van gepensioneerde koloniale soldaten en officieren, en daar bovenop moest het gehele aanzien van de koloniale soldaat verbeterd worden. Die stond er namelijk niet goed voor ten tijde van de voorganger, het Koloniaal Werfdepot te Harderwijk. Hoe keek de Nijmeegse pers, waar de Koloniale Reserve werd gelegerd, tegen deze organisatie en de manschappen aan?

In zijn studie schrijft dhr. Bosschaart het volgende: "De vraag die tot op heden onbeantwoord blijft in de literatuur is of de beeldvorming over de Koloniale Reserve in Nijmegen veranderde in de periode 1890-1940. Hiernaar is nog geen kwantitatief en kwalitatief krantenonderzoek gedaan, waardoor er een lacune bestaat binnen de (wetenschappelijke) literatuur. Reden te meer om te achterhalen hoe hierover in Nijmegen door de katholieke De Gelderlander en de protestantse Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant (PGNC) werd geschreven. De vraag die centraal zal staan in deze scriptie is dan ook: In hoeverre veranderde de beeldvorming over de Koloniale Reserve in Nijmegen in de periode 1890-1940? Met beeldvorming worden in dit geval de mentale voorstellingen of denkbeelden bedoeld die er over het korps bestonden. Het beeld van de Koloniale Reserve was dat van een verbetering in de werving en opleiding van de koloniale militairen, waardoor zowel hun fysiek als moreel zou verbeteren. Dat dit in de beginperiode nog niet helemaal van de grond kwam, blijkt uit de krantenberichten waarin de militairen van de Koloniale Reserve als ‘misdadigers’ worden gezien. Dit beeld veranderde volgens de literatuur in de loop der tijd doordat er steeds strengere rekruteringscriteria werden gehanteerd en de samenstelling van het korps veranderde."

"De relevantie van dit thema is dat het ons inzicht kan geven in de effectiviteit van het gevoerde beleid door het Ministerie van Koloniën en Oorlog om de kwaliteit en het imago van de koloniale militairen te verbeteren. Daarnaast laat een dergelijke analyse zien hoe lokale kranten een bepaald beeld van de Koloniale Reserve naar buiten brachten. Kranten structureren namelijk − al dan niet gewild − de werkelijkheid en zullen dan ook kritisch onderzocht moeten worden. Tenslotte bevat dit thema ook nog enige actuele relevantie, omdat beeldvormingsprocessen over het leger vandaag de dag nog steeds een rol spelen. Zo laat het artikel van de historicus M. Brand zien dat de overheid de regie over de informatievoorziening omtrent het leger graag in eigen hand houdt, vanwege mogelijke imagoschade. Het is daarom interessant om te onderzoeken hoe media, zoals kranten, daar in de negentiende- en twintigste eeuw mee om gingen."

In 2016 publiceerde dhr. M. Bosschaart zijn master scriptie (Radboud Universiteit, Nijmegen), getiteld De Koloniale Reserve te Nijmegen: de beeldvorming over de Koloniale Reserve nader onderzocht in twee Nijmeegse kranten.