mldvliegtuig.jpg

Wanneer u lid wilt worden van Mars et Historia ontvangt u geheel gratis het prachtige boek Traditie en Vernieuwing ter waarde van € 30,00, welke is uitgegeven n.a.v. het 50-jarige bestaan van onze vereniging die zich inzet voor de bestudering van de Nederlandse militaire geschiedenis in allerlei facetten.

U kunt zich opgeven als lid via de pagina Lid Worden.

 

In dit prachtige boek vindt u 10 interessante artikelen:

  • Drs. Corstiaan Prince - 'De slag om de Westerschelde 1944'
  • Drs. Dirk Tang - 'Bevrijders of onderdrukkers? De Koninklijke Marine en het 19e eeuwse slavernijprobleem'
  • Prof. dr. Wim Klinkert - 'Mars en Cleio, een veelzijdige maar geen vanzelfsprekende verhouding: de rol van geschiedenis in militaire opleidingen'
  • Mr. Wil Zaagman - 'Het oude politiebureau in Leusden'
  • Dr. Louis Sloos - 'De rol van de Nederlandse krijgsmacht in de oorlog van 1793-1795. Vergeten, verzwegen en beschimpt'
  • Generaal b.d. dr. Dirk Starink - 'Het Nederlandse denken over luchtverdediging in het Interbellum'
  • Prof. dr. Jan Hoffenaar - 'Militaire wensen en economische realiteiten. De NAVO en de opbouw van de Nederlandse strijdkrachten, 1951-1952'
  • Dr. Christ Klep - 'Het onverwoestbare geloof van militairen in technologie'
  • Drs. Ed Coumans - 'Het grijze gebied tussen strategie en tactiek. De (r)evolutie van de oorlogvoering rond 1800'
  • Hans van Lith - 'Hij leeft nog! Angst en verlangen per post tijdens de Eerste Wereldoorlog'

Wanneer de Britten en Nederlanders in 1806 in een enkele beslissende veldslag strijden om het bezit van de Kaapkolonie, wordt er ook een veldhospitaal opgezet waar tot zeker tien dagen na het gevecht de gewonden van beide zijden worden verzorgd. Lange tijd werd aangenomen dat dit hospitaal zich zou hebben bevonden op of nabij de boerderij van ene Justinus Keer. Maar dat bleek helemaal niet zo vanzelfsprekend, met een andere locatie als mogelijke kandidaat. Vandaar dat er in Zuid-Afrika archeologisch veldonderzoek werd verricht, met verrassende resultaten.

Deze resultaten zijn samengevat in een artikel van dhr. Marius Breytenbach, getiteld Locating the battle of Blaauwberg (1806) field hospital.

Bijzonder is dat ook in ons laatste Nr. 3 van het tijdschrift Mars et Historia door de historicus Kees Schulten aandacht is besteedt aan deze veldslag.

Bovendien kun je hier in onze rubriek Recent Onderzoek nog meer lezen over archeologisch onderzoek naar het hele slagveld Blaauwberg, voor een beter begrip.

Zoals we al eerder vermelden hier op de website heeft dhr. Tjepkema een opinie-artikel geschreven in ons recente Nr. 3 van het kwartaalblad Mars et Historia, over het huidige onderzoek over de periode 1945 - 1949 toen Nederlandse strijdkrachten zich in de kolonie Nederlands-Indië inzetten voor het behoud hiervan. Zijn opinie-artikel welke is gepubliceerd in ons meest recente nummer van Mars et Historia, gaat in op een aantal zaken zoals ingenomen door het officiële onderzoek dat wordt uitgevoerd door het NIOD, KILTV en het NIMH. Dat er hierover geen eenduidige mening bestaat is duidelijk, laat staan dat sommige organisaties zich niet vertegenwoordigd voelen bij het onderzoek.

Zoals altijd op de website van Mars et Historia hebben we diverse studies de aandacht gegeven in onze rubriek Recent Onderzoek, over deze periode van de Indonesische onafhankelijkheidstrijd gedurende de jaren 1945-1949, en dus ook het Nederlandse perspectief. Het is dus zeker interessant om de diverse meningen hier weer te geven.

Diverse mensen die reageren namens veteranenorganisaties of op eigen titel nemen nu hun stellingen in. Online presenteert bijvoorbeeld dhr. Kruize (kol. b.d.) een bijdrage getiteld Meerjarenonderzoek Nederlands-Indië, 1945-1950: en hoe de geschiedenis dreigt te worden gekleurd. En wanneer vermeend excessief geweld juist in een bepaalde militaire actie nader begrepen moet worden kan dit gelezen worden in een brijdrage van dhrn. Somers en Tjepkema, getiteld De affaire Pesing: richtte een ovw-bataljon een bloedbad aan?

Er is echter ook een andere kant om naar deze dekolonisatieperiode te kijken.

Waar echter al een schaduw vooruit wordt geworpen met de verwachting dat veteranen beschuldigd zullen worden aan deelname aan een foute oorlog, probeerden de huidige onderzoekers deels ook al licht te werpen op hun tussentijdse vorderingen in het historische onderzoek. Ook dat is nog niet aan de orde gekomen en verdient dus aandacht. Het online beschikbare tijdschrift Bijdragen en Mededelingen betreffende de Geschiedenis der Nederlanden (Low Countries Historical Review) van het Koninklijk Nederlands Historisch Genootschap heeft in haar recente nummer daar aan de ruimte gegeven voor verschillende artikelen, te lezen in Issue 2 - Jaargang 2020.  In  dat nummer aandacht voor excessief geweld, technisch geweld, vergelijkingen met andere dekolonisatie oorlogen, en meer.

 

 

Om de landmacht van voldoende professionele onderofficieren te voorzien, werden halverwege de 19e eeuw als diverse initiatieven ontplooid. Na 1945 werd dit verder gecentraliseerd allereerst in de OOS, oftewel Onderofficiersschool, die uiteindelijk werd omgevormd om het aanzien te verhogen naast de officiersopleiding aan de de KMA, in de Koninklijke Militaire School.

In 1991 schreef dhr. Bevaart in de Militaire Spectator een overzichtsartikel, getiteld Vijftig jaar Koninklijke Militaire School.

Met het bezoek aan de historische collectie in het vooruitschiet in november, presenteren we hier deze informatie alvast.

21 schoten, 101 kanonschoten, een saluut bij een overleden militair, of de gepaste groet voor een generaal. Wie krijgt de juiste hoeveelheid eerbetoon?

In een kort artikel wijst dhr. Daams ons hier op en legt de verschillen uit, getiteld Saluutschoten.