vaandels.jpg

Het 3e nummer voor 2020 van ons kwartaalblad Mars et Historia is naar de persen gegaan, en valt binnen een week bij alle leden op de deurmat. Naast artikelen met aspecten over de militaire geschiedenis van Nederland, zoals iedereen gewend is, ditmaal ook een polemische bijdrage over het nog lopende historische onderzoek naar de dekolonisatie van Nederlands-Indië. Verder uiteraard een uitgebreide recensie, plus een overzicht van recent verschenen publicaties.

  • Het verlies van Kaap de Goede Hoop in 1806 – door Kees Schulten 
  • Het Tehuis voor Militairen te ’s-Gravenhage. Een kwart eeuw protestantse evangelisatie onder de Haagse miliciens (1867-1893) – door C. Houtman
  • Kanttekeningen bij het Meerjarenonderzoek dekolonisatie – door drs. Anne C. Tjepkema 
  • Boekbespreking – De lijfarts van de koning. Het avontuurlijke leven van Franz Joseph Harbaur, 1776-1824

De strijd tussen Orangisten en Patriotten was er niet alleen eentje op het politieke vlak, er werd zelfs onderling meermalen strijd geleverd. Zo ook in mei 1787 toen Oranje-getrouwe troepen de stad Utrecht wilden innemen en werden opgewacht door een kleine strijdmacht van Patriotten tussen de dorpjes Jutphaas en Vreeswijk, ten zuiden van Utrecht.

Over dit gevecht is veel opheldering gemaakt door het onderzoek van dhr. Angenent in zijn artikel uit 1987 in het tijdschrift Oud Utrecht, getiteld Het gevecht bij Vreeswijk 9 mei 1787.

Dit weekeinde is de tentoonstelling Ommuurde Stad geopend in het Centraal Museum te Utrecht, over de geschiedenis van de verdedigingswerken van de stad vanaf de vroege 12e eeuw tot het begin van de 19e eeuw. De tentoonstelling is te bezoeken tot en met 21 januari 2021.

In februari 1787 viel de stad Amsterdam in handen van de Patriotten en hun vrijkorpsen. Stadhouder Willem V vluchtte naar Nijmegen en zocht de hulp van zijn zwager, de koning van Pruisen, die vervolgens een troepenmacht naar de Republiek stuurde. In allerijl werden er ten oosten en zuiden van Amsterdam schansen opgeworpen en een waterlinie aangelegd, om de Pruisische soldaten buiten te houden (voor een topografisch overzicht van de situatie rondom Amsterdam destijds, zie de aangepaste satellietfoto.) Desondanks verschenen de Pruisen eind september voor de stad en openden een succesvolle aanval begin oktober 1787 om de stad weer in handen te krijgen van de Oranje gezinde partij.

Deze militaire campagne is in 1789 met kaart en al uitvoerig beschreven en in het Nederlands vertaald door een groep mensen onder de auspiciën van de redacteur René Ros, inspirator en webmaster van de website Stelling van Amsterdam, waar het document online is te raadplegen: Korte toelichting van alle schansen, welke tegen het einde van de maand september 1787 in de buurt van de beroemde stad Amsterdam zijn aangelegd.

Aanval op de Duivendrechtse brug 1787 (door Theodoor Koning naar Jean George Teissier, 1790; © Rijksmuseum, Amsterdam)

Na de verovering rond 1600 van delen van wat we nu kennen als Zeeuws-Vlaanderen, bleef Spanje nog in bezit van de oostelijke gebieden hier rondom Hulst. Om dit gebied te beschermen en ook de belangrijke Spaanse vestingstad Antwerpen, werd door de Spanjaarden besloten een strategisch gelegen fort te bouwen op de monding van de rivier de Schelde richting de Westerschelde. Zo kon het land als zowel de vaart richting de Noordzee beschermd blijven. Desondanks zou juist het fort samen met de omgeving van Hulst alsnog in handen vallen van het Staatse leger tijdens de Tachtigjarige Oorlog, en vanaf die periode tot ver in de 18e eeuw dienen als een slot op de vrije handel vanuit Antwerpen.

Op de website van dhr. Han Leune is zijn in 2016 verschenen studie te raadplegen (of ook via de uitgeverij Gigaboekshop aan te schaffen), getiteld Het fort Sint Anna in de polder van Namen.