mldvliegtuig.jpg

Tijdens de uitbraak van de Belgische Opstand in 1830 werd niet alleen het Nederlandse veldleger gemobiliseerd, samen met aanvullingen van studenten compagnieën. Overal in allerlei steden werd ook de lokale Schutterij opgeroepen.

Eén zo'n voorbeeld komt uit de stad Zutphen, waarover in 2016 de heer Kammelar een artikel schreef in het blad Zutphen van de Historische Vereniging Zutphen, getiteld Daar komen de schutters: de schutterij van Zutphen gemobiliseerd (1830/1834).

Enkele schutters afkomstig uit Overijssel bij de Leidse studentencompagnie (schilderij door Johanna Aleida Budde, Stedelijk Museum Zutphen)

Eind vorig jaar vlak voor de feestdagen kwam nog ons 4e nummer uit van Mars et Historia.

Hierin enkele aanbevelenswaardige artikelen over:

  • Wie redde nu precies de prins van Oranje op Waterloo na zijn verwonding? Wat was de rol van de kunst en welke rol speelde kapitein Constant-Rebecque de Villars!
  • Hoe ontwikkelden de Japanse strijdkrachten zich aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog
  • Een nieuw ontdekt marslied van het regiment huzaren van Boreel
  • En wederom een artikel over 75 jaar bevrijding, ditmaal over de verzetsstrijder Nico de Bode, die begin 1945 zich aansloot bij de Canadese troepen

Lees het allemaal, of bekijk de inhoud hier....

 

Eind 19e eeuw werden er naast de succesvolle inzet van bereden eenheden Marechaussee ook in het oosten en noorden van Nederland eenheden te voet opgezet, in de vorm van marechaussee brigades.

Zo ook in 1891 te Zutphen, waarover de heer Hiemstra in het blad Zutphen een alleraardigst artikel schreef, getiteld: De geschiedenis van de Marechaussee in Zutphen.

Toen de Franse troepen daadwerkelijk de Nederlandse republiek waren binnengevallen leed de bevolking enorm onder de oorlogshandelingen, zoals we hier al eerder aan de orde lieten over het Kromme Rijngebied. Ditmaal behandeld de historicus Raymond van Uppelschoten de oorlogsstrijd en het leiden van de bevolking van de stad Utrecht, waarover hij schrijft ter inleiding:

"Op 16 januari 1795 kwam er een einde aan het ancien regime van Oranje stadhouders en regenten in Utrecht. Het Franse revolutionaire leger trok de provincie binnen over de bevroren rivier de Lek. In de hoofdstad werd de vrijheidsboom gepland en de Oranjegezinde besturen van steden en dorpen werden vervangen door revolutionaire comités, al gebeurde dat niet zonder slag of stoot. Aan deze omwenteling gingen twee jaar strijd vooraf, die ook de bewoners van Utrecht bereikte. Wat merkten zij van de oorlog die al vanaf 1793 woedde in de Zuidelijke Nederlanden. En waarom was de provincie al leeggeroofd voor de eerste Franse revolutionair de Lek overstak." 

Lees er alles over in het artikel van dhr. Van Uppelschoten, gepubliceerd in het Jaarboek Oud-Utrecht in 2015: "Beroofd, mishandeld en verbitterd": de bevolking van Utrecht in de oorlog van 1794-1795.

Generaal Daendels neemt afscheid van luitenant-kolonel Krayenhoff, door Van Drielst/De Lelie, gedateeerd 1795 (© Rijksmuseum Amsterdam, objectnummer SK-A-2231)

Veel dorpen moesten het in de 19e eeuw alleen stellen met een veldwachter voor de handhaving van de openbare orde, en wanneer er volksoproeren ontstonden schoot dit al snel te kort. Om die reden werden er halverwege de 19e eeuw in Nederland vanuit de diverse cavalerie regimenten manschappen en officieren gerekruteerd om tijdelijk als hulpmarechaussee te fungeren.

Een goed voorbeeld hiervan is het artikel van dhr. Onderweegs, gepubliceerd in Tijdschrif Historische Kring Breukelen uit 1991: De hulpmarechaussee.

3e Regiment Dragonders (via geheugenvannederland.nl)